فِيهِمَا فَـٰكِهَةٌ وَنَخْلٌ وَرُمَّانٌ
In beide zijn vruchten, dadels en granaatappels.
Lees Pagina 534 volgens de geverifieerde grenzen van Tanzil. Deze selectie bevat 27 verzen.
فِيهِمَا فَـٰكِهَةٌ وَنَخْلٌ وَرُمَّانٌ
In beide zijn vruchten, dadels en granaatappels.
فَبِأَىِّ ءَالَآءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ
Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan?
فِيهِنَّ خَيْرَٰتٌ حِسَانٌ
Er in bevinden zich goede en mooie vrouwen.
فَبِأَىِّ ءَالَآءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ
Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan?
حُورٌ مَّقْصُورَٰتٌ فِى ٱلْخِيَامِ
Vrouwen met prachtige ogen, afgezonderd in tentverblijven.
فَبِأَىِّ ءَالَآءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ
Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan?
لَمْ يَطْمِثْهُنَّ إِنسٌ قَبْلَهُمْ وَلَا جَآنٌّ
Die geen mens en geen Djinn ooit vóór hen heeft aangeraakt.
فَبِأَىِّ ءَالَآءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ
Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan?
مُتَّكِـِٔينَ عَلَىٰ رَفْرَفٍ خُضْرٍ وَعَبْقَرِىٍّ حِسَانٍ
Leunend op groene kussens en op prachtige tapijten.
فَبِأَىِّ ءَالَآءِ رَبِّكُمَا تُكَذِّبَانِ
Welke gunsten van jullie Heer loochenen jullie dan?
تَبَـٰرَكَ ٱسْمُ رَبِّكَ ذِى ٱلْجَلَـٰلِ وَٱلْإِكْرَامِ
Gezegend zij de Naam van jouw Heer, de Bezitter van Majesteit en Eer.
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَـٰنِ ٱلرَّحِيمِ
إِذَا وَقَعَتِ ٱلْوَاقِعَةُ
Wanneer de Dag der Opstanding plaatsvindt.
لَيْسَ لِوَقْعَتِهَا كَاذِبَةٌ
(Dan) kent de gebeurtenis ervan geen loochening.
خَافِضَةٌ رَّافِعَةٌ
Verlagend (voor de één), verheffend (voor de ander).
إِذَا رُجَّتِ ٱلْأَرْضُ رَجًّا
Wanneer de aarde hevig geschud wordt.
وَبُسَّتِ ٱلْجِبَالُ بَسًّا
En de bergen volledig vernietigd worden.
فَكَانَتْ هَبَآءً مُّنۢبَثًّا
Zodat deze tot rondvliegend stof worden.
وَكُنتُمْ أَزْوَٰجًا ثَلَـٰثَةً
En jullie in drie groepen verdeeld zijn.
فَأَصْحَـٰبُ ٱلْمَيْمَنَةِ مَآ أَصْحَـٰبُ ٱلْمَيْمَنَةِ
De mensen van de rechterzijde, (wat een voorspoed voor) de mensen van de rechterzijde!
وَأَصْحَـٰبُ ٱلْمَشْـَٔمَةِ مَآ أَصْحَـٰبُ ٱلْمَشْـَٔمَةِ
En de mensen van de linkerzijde, (wat een tegenspoed voor) de mensen van de linkerzijde!
وَٱلسَّـٰبِقُونَ ٱلسَّـٰبِقُونَ
En de eersten (de derde groep) zijn de eersten.
أُو۟لَـٰٓئِكَ ٱلْمُقَرَّبُونَ
Dat zijn degenen die nabij zijn gebracht.
فِى جَنَّـٰتِ ٱلنَّعِيمِ
In de Tuinen van gelukzaligheid (het Paradijs).
ثُلَّةٌ مِّنَ ٱلْأَوَّلِينَ
Een aantal van de vroegeren.
وَقَلِيلٌ مِّنَ ٱلْـَٔاخِرِينَ
En weinig van de lateren.
عَلَىٰ سُرُرٍ مَّوْضُونَةٍ
Op (met goud) geborduurde rustbanken.
مُّتَّكِـِٔينَ عَلَيْهَا مُتَقَـٰبِلِينَ
Daarop leunend, tegenover elkaar zittend.