إِنَّ لِلْمُتَّقِينَ مَفَازًا
Voorwaar, voor de Moettaqôen is er een overwinning.
Lees Pagina 583 volgens de geverifieerde grenzen van Tanzil. Deze selectie bevat 25 verzen.
إِنَّ لِلْمُتَّقِينَ مَفَازًا
Voorwaar, voor de Moettaqôen is er een overwinning.
حَدَآئِقَ وَأَعْنَـٰبًا
Tuinen en druivenstruiken.
وَكَوَاعِبَ أَتْرَابًا
En jeugdige gezellinnen, gelijk in leeftijd.
وَكَأْسًا دِهَاقًا
En een gevulde beker.
لَّا يَسْمَعُونَ فِيهَا لَغْوًا وَلَا كِذَّٰبًا
Zij horen daar geen onzin en geen leugens.
جَزَآءً مِّن رَّبِّكَ عَطَآءً حِسَابًا
Als een beloning van jouw Heer, als afrekenende gift.
رَّبِّ ٱلسَّمَـٰوَٰتِ وَٱلْأَرْضِ وَمَا بَيْنَهُمَا ٱلرَّحْمَـٰنِ ۖ لَا يَمْلِكُونَ مِنْهُ خِطَابًا
De Heer der hemelen en der aarde en wat er tussen beide is, de Barmhartige. Zij zijn niet in staat Hem aan te spreken.
يَوْمَ يَقُومُ ٱلرُّوحُ وَٱلْمَلَـٰٓئِكَةُ صَفًّا ۖ لَّا يَتَكَلَّمُونَ إِلَّا مَنْ أَذِنَ لَهُ ٱلرَّحْمَـٰنُ وَقَالَ صَوَابًا
Op die Dag staan de Geest (Djibrîl) en de Engelen in rijen opgesteld. Zij spreken niet, behalve na wie de Barmhartige toestemming verleent en die zegt wat juist is.
ذَٰلِكَ ٱلْيَوْمُ ٱلْحَقُّ ۖ فَمَن شَآءَ ٱتَّخَذَ إِلَىٰ رَبِّهِۦ مَـَٔابًا
Dat is de Dag van de Waarheid. Laat wie wil daarom een terugkeer naar zijn Heer afleggen.
إِنَّآ أَنذَرْنَـٰكُمْ عَذَابًا قَرِيبًا يَوْمَ يَنظُرُ ٱلْمَرْءُ مَا قَدَّمَتْ يَدَاهُ وَيَقُولُ ٱلْكَافِرُ يَـٰلَيْتَنِى كُنتُ تُرَٰبًۢا
Voorwaar, Wij hebben jullie gewaarschuwd voor een nabije bestraffing op de Dag dat de mens zal kijken naar wat zijn handen vroeger bedreven, en waarop de ongelovige zal zeggen: "O wee, was ik maar aarde."
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَـٰنِ ٱلرَّحِيمِ
وَٱلنَّـٰزِعَـٰتِ غَرْقًا
Bij de hard uitrukkenden.
وَٱلنَّـٰشِطَـٰتِ نَشْطًا
Bij de zacht uittrekkenden.
وَٱلسَّـٰبِحَـٰتِ سَبْحًا
Bij de snel uitvoerenden.
فَٱلسَّـٰبِقَـٰتِ سَبْقًا
De snel voorbijstrevenden.
فَٱلْمُدَبِّرَٰتِ أَمْرًا
De uitvoerenden van een bevel.
يَوْمَ تَرْجُفُ ٱلرَّاجِفَةُ
Op de Dag waarop de bevende doet beven.
تَتْبَعُهَا ٱلرَّادِفَةُ
Zal deze gevolgd worden door de (tweede) beving.
قُلُوبٌ يَوْمَئِذٍ وَاجِفَةٌ
De harten zullen op die Dag bonzen.
أَبْصَـٰرُهَا خَـٰشِعَةٌ
Hun ogen zullen angstig teneergeslagen zijn.
يَقُولُونَ أَءِنَّا لَمَرْدُودُونَ فِى ٱلْحَافِرَةِ
Zij zeggen: "Zullen wij zeker worden teruggebracht in de vorige staat?
أَءِذَا كُنَّا عِظَـٰمًا نَّخِرَةً
Als wij vergruisde beenderen zijn geworden?"
قَالُوا۟ تِلْكَ إِذًا كَرَّةٌ خَاسِرَةٌ
Zij zeggen: "Dat is dan een verliesgevende terugkeer.
فَإِنَّمَا هِىَ زَجْرَةٌ وَٰحِدَةٌ
En voorwaar, het zal slechts één enkele stoot zijn.
فَإِذَا هُم بِٱلسَّاهِرَةِ
En dan staan zij op het aardoppervlak.
هَلْ أَتَىٰكَ حَدِيثُ مُوسَىٰٓ
Heeft het verhaal van Môesa jou bereikt?